Geen categorie

Dwars door de storm

Ik voelde mij zenuwachtig maar vastberaden. Jarenlang had ik gedacht dat ik het wel weg kon drukken. Dat als ik als een struisvogel de auto in zou stappen de angst wel weg zou blijven. Dat als ik er maar niet aan dacht, het dan niet bestond. Dat was natuurlijk onzin. Want elke keer als ik op de snelweg reed, of over een burg, of door een tunnel, of ik zag in de verte filevorming, was die angst daar.

Ik bevind mij in een tunnel. Alsof ik door twee wc-rollen naar de weg kijk. Ik knipper met mijn ogen, houd ze twee seconden dicht maar als ik mijn ogen open ben ik er niet meer. De adrenaline schiet door mijn lijf. Mijn armen en benen beginnen te tintelen. Ik voel mij misselijk. Het raam moet open of weer dicht. Nee toch open. Ik voel mijn hart kloppen in mijn keel. Volgens mij moet ik kotsen. Ik heb buikpijn. Ik laat een scheet. Ik beweeg in de stoel. Ben ik er nog wel? Ik zweef boven mijn eigen lijf. Ik zet de radio harder. Ik rij veel te zacht. Ik zoek afleiding. Ik moet nu iemand bellen. Ik heb kramp in mijn bovenbenen. Ik kan elk moment wegvallen. De controle verliezen. Ik word gek…

Deze situatie is kut. Dit wil je niet mee maken. Dus wat doet een struisvogel dan? Die zoekt een andere manier om zich van A naar B te verplaatsen. Trein? Geen optie. Ook daar voelde ik mij opgesloten en kreeg ik een paniekaanval. Alternatieve routes dan maar. Over het platteland. Ik genoot van het uitzicht, het weiland en de koeien. Heerlijk, toch? Nee. Ook in mijn hoofd maak ik een omweg om goed te praten wat ik aan het vermijden was. Op vakantie naar Zeeland? Wij pakken het pondje. Dat is toch leuk voor de kinderen? Zolang ik maar niet door een tunnel moet. Meerijden is super gezellig! Lukt dat niet? Dan voelde ik mij ineens toch niet zo lekker.

Het kleurde mijn wereld zwart

Mijn wereld werd kleiner. De angst werd groter. Als een niet te stoppen inktvlek verspreidde het zich langzaam in alle hoekjes en gaatjes. Het kleurde mijn leven zwart. Tot ik op het punt belandde dat ik de drempel van mijn eigen huis niet meer over durfde. Alweer. Dit was niet de eerste keer dat ik het zo ver had  laten komen. Maar alleen thuis zijn kon ook niet. Want alleen zijn met mijn eigen gedachten was ondragelijk. Ik klampte mij vast aan iedereen om mij heen. Terwijl de enige persoon die dit kon oplossen ik zelf was.

Toen was mijn zus jarig en kon ik daar niet heen. Ik moest over de snelweg. Als ik binnendoor ging moest ik door een tunnel. Met het openbaar vervoer was ook geen optie. Meerijden lukte niet. Dit was het moment waarop ik dacht. Dit kan zo niet langer. In gedachten trapte ik de emmer met inkt omver. Dan werd mijn leven maar nog zwarter. Veel zwarter kon niet. Zo wilde ik niet langer leven.

Ik was de oplossing

Ik moest door de angst heen. Ik kon het niet omzeilen. Ik kon het niet langer wegdrukken. Het had mij overgenomen. Angst had de leiding genomen over mijn leven. Daar was ik na 15 jaar helemaal klaar mee.

Ik realiseerde mij (eindelijk! – waarom heeft dat zo lang geduurd?) dat IK de oplossing was. Alleen ik. De enige manier om ooit van de angst af te komen is om er door heen te gaan. Dus stond ik mijzelf toe gek te worden. Ik stond mij zelf toe dood neer te vallen. Ik goot vrijwillig de emmer met inkt over mij heen. Ik was er klaar mee.

Die ochtend voelde ik mij zenuwachtig en vastberaden. Ik ging dit doen. Ik had de hele ochtend uitgetrokken voor mijn training. Ik ging rijden op de snelweg totdat ik niet meer bang zou zijn. Het zelfde stuk tussen Zoetermeer en Den Haag. Heen en weer en heen en weer. Ik nodigde de angst vriendelijke uit om daarbij aanwezig te zijn.

Kom maar angst. Jij mag er zijn. Ik ben niet meer bang voor jou. Ik accepteer je. Je bent niet mijn vijand maar mijn vriend. Ik weet dat je mij wil beschermen. Maar dat is niet meer nodig. Ik kan dit nu zelf.

Ik moest er door heen

Nou de angst kwam. Stiekem hoop je dat je er makkelijk van af komt. Dat als je dit besloten hebt de angst dan weg blijft. Als beloning voor je dappere besluit. Maar dat was niet zo. Ik moest er door heen.

Ik stond op een surfplank op een woeste zee van zwarte inkt. Het was vloed. De golven kwamen. Ik probeerde met man en macht te blijven staan. Net als ik dacht dat de golven niet hoger konden worden. Net als ik dacht dat ik zou verzuipen, werd de zee weer rustiger. Tot ik op een gegeven moment op de surfplank kon zitten en rustig vooruit kabbelde. Ik keek om mij heen. Er was niks aan de hand. De zee was niet zwart. Er zwommen vrolijke vissen in rond. De zon scheen en ik zag het strand. Maar toen kwam er weer ruimte voor gedachten. Die gedachten zorgde weer voor noodweer. De lucht betrok en de golven kwamen terug en daar begon het weer van voor af aan. Zo makkelijk kom je er niet van af.

Zo is dat een tijdje door gegaan. Maar ik ben stug doorgereden. Een vrouw op missie. Een vrouw die haar leven terug wilde.

Vanaf die dag besloot ik niet meer te vermijden. Ik ging alles doen waar ik bang voor was. De trein in, een drukke winkel in, naar de bioscoop, op de snelweg rijden, vet eten, uit eten, naar een concert, naar de Ikea, naar de supermarkt, naar de ballenbak, naar een verjaardag, naar onbekende plekken, alleen zijn met mijn gedachten, ALLEEN zijn. Stil zijn.

Was dat altijd makkelijk? Nee. Maar heeft het geholpen? Ja.

Het is de enige manier

De enige manier om van je angst af te komen is om er door heen te gaan. Dat wilde ik nooit horen. Het is vaak tegen mij gezegd. Maar ik zocht een omweg. Want vrijwillige in een storm stappen dat doe je niet. Dat is eng. Maar het is de enige manier. Er dwars door heen. Om te ontdekken dat je sterk genoeg bent. Om te ontdekken dat het niks is. Alleen maar angst. Een gevoel. Een rot gevoel. Maar meer is het niet. Aan de andere kant schijnt de zon. En staat vrijheid met open armen op je te wachten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *